Door de ogen van Kristien

Door de ogen van Kristien

Over deze blog


Kristien Van Vaerenbergh:

Federaal volksvertegenwoordiger en gemeenteraadslid in Lennik

Personeelssituatie in Brusselse rechtbanken (2).

Mondelinge vragenGeplaatst door Kristien Van Vaerenbergh 05 jun, 2012 14:17:01

Commissie Justitie: 22 mei 2012
Vraag aan Annemie Turtelboom, minister van Justitie

Mevrouw de Minister,

Vorige week heeft u niet willen antwoorden op mijn vraag over de impact van het BHV-akkoord op het griffiepersoneel. Bovendien wilde u geen cijfers geven. Ik heb dan maar op basis van beschikbare cijfers zelf uw huiswerk gemaakt. Deze geven interessante cijfers.

Het huidige wetsvoorstel stipuleert een verdeling voor alle rechtbanken van eerste aanleg 20/80 behalve voor Rechtbank van Koophandel 40/60. Dit is niet alleen van toepassing op magistratuur,maar ook op de griffies, personeel van de griffies en het ander gerechtelijk personeel.

Vandaag zou het huidige personeelsbestand het volgende zijn:
• Rechtbank van eerste aanleg: 171 NL / 227 F, zijnde 43% NL / 57% FR
• Arbeidsrechtbank: 51 / 31, zijnde 62% NL / 38% FR
• Rechtbank van Koophandel: 57 / 36, zijnde 61% NL / 39% FR

Toegepast op vandaag zouden er volgens de letter van het wetsvoorstel van de meerderheid en Groen/Ecolo heel wat personeelsleden moeten verdwijnen:
• Rechtbank van eerste aanleg: 91 NL, wat 53% minder zou betekenen
• Arbeidsrechtbank: 35 NL, wat 69% minder zou betekenen
• Rechtbank van Koophandel: 16 NL, wat 28% minder zou betekenen

Mijn vragen zijn dan ook:
1. Hoe gaat u de kaders precies aanpassen? Gaat u vertrekken van het huidige personeelsbestand of van de officieel vastgelegde kaders (deze liggen lager dan het feitelijk personeelsbestand)?
2. Wat zal er gebeuren met het overtollig personeel? Welke ovegangsmaatregelen zal u voorzien?

Antwoord (samenvatting op basis van het Integraal Verslag van De Kamer):

Het wetsvoorstel betreffende de hervorming van het gerechtelijk arrondissement Brussel werd na ontvangst door de commissie voor advies voorgelegd aan de Raad van State en zal nadien worden geagendeerd in de commissie. De indieners van het wetsvoorstel zullen daarbij het voorstel uitvoerig toelichten, waarna het ongetwijfeld zeer uitgebreid zal bediscussieerd worden in de bevoegde commissie in Kamer en Senaat. Parlementaire vragen lopen dus vooruit op het eigenlijke debat in de commissie, dat nog moet plaatsvinden. Bij de hervorming zal uiteraard rekening worden gehouden met de gevolgen voor het gerechtspersoneel. Het statuut van het gerechtspersoneel bevat trouwens al bepalingen tot bescherming van de loopbaan en de vrijwaring van de anciënniteit en geldelijke rechten. Evenzo zijn er bepalingen die een zekere soepelheid verzekeren wat de affectatie en inzet van personeel betreft. Artikel 330quater van het Gerechtelijk Wetboek bepaalt welke mutatie van personeel mogelijk is. Artikelen 330 tot 330ter van het Gerechtelijk Wetboek stellen welke opdrachten van de ene naar de andere rechtbank zijn toegelaten.

In globo kan ik u meedelen dat er in de Brusselse griffies bij de rechtbanken van eerste aanleg, arbeid en koophandel en bij de politierechtbank 635 personeelsleden zijn tewerkgesteld. 67 % daarvan is vrouwelijk en 33 % mannelijk. 51 % is statutair en 49 % is contractueel. Van de contractuelen heeft 4,5 % een contract van bepaalde duur. Op het totaal van de personeelsleden is 76 % voltijds tewerkgesteld en 24 % met verminderde prestaties. Globaal zijn er in de griffies 48 % Nederlandstalige en 52 % Franstalige personeelsleden.

De referendarissen beschikken uiteraard over een diploma van master in de rechten. Het overgrote deel van het personeel heeft een diploma van niveau C. De gemiddelde anciënniteit bedraagt 14 jaar en zes maanden.

  • Reacties(0)//www.kristienvanvaerenbergh.be/#post195